TUCHTREGLEMENT
FULL-CONTACT VECHTSPORT
Versie maart 2025
Begripsbepalingen
Aanklager De aanklager beoordeelt de melding en besluit of de zaak door middel van
een schikking kan worden opgelost. Als geen schikkingsvoorstel volgt of als
de beschuldigde het voorstel niet accepteert, vraagt de aanklager of de
tuchtcommissie zich over de zaak wil buigen.
Beschuldigde Een natuurlijk persoon die is beschuldigd van een overtreding.
Berisping Een strenge afkeuring van gedrag door middel van een waarschuwing.
Bestuur Het bestuur van de VA.
Bureau Het bureau van de VA.
Commissie van beroep De commissie van beroep doet uitspraak in zaken waarin de aanklager of de
beklaagde het niet eens is het met het oordeel van de tuchtcommissie
Convenantpartner Organisatie met een convenant met de VA. In 2025 is dit de Nederlandse
Vechtsportbond (NVB)
Fightpassport Het Fightpassport van de NVB is het digitale wedstrijdboekje voor iedereen
die meedoet aan wedstrijden kickboksen, muaythai en mma in Nederland.
Herziening Het proces waarin de commissie van beroep de zaak opnieuw beoordeelt
mdat er nieuwe feiten aan het licht zijn gekomen die tijdens de eerdere
behandeling tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden.
ISR Stichting Instituut Sportrechtspraak.
Matchmaker Matchmaker die beschikt over een door de VA afgegeven licentie.
Melding Een binnenkomende mededeling over een gebeurtenis waarbij mogelijk
gedragsregels uit het tuchtreglement zijn geschonden.
MMA Mixed martial arts
NVB Nederlandse Vechtsportbond
Officialteams Dit zijn de begeleiders van full-contact vechtsportwedstrijden onder
verantwoordelijkheid van de NVB en onder toezicht van de VA.
Ontvankelijk De melding komt in aanmerking voor behandeling door de aanklager en/of
tuchtcommissie.
Promotor Promotor die beschikt over een door de VA afgegeven licentie.
Sanctie Een straf of maatregel die wordt opgelegd door de tuchtcommissie of
commissie van beroep.
Schikking Tussentijdse overeenkomst tussen de aanklager en de beschuldigde
waarmee het conflict is opgelost voordat de zaak is voorgelegd aan de
tuchtcommissie.
Schorsing Tijdelijk verbod van deelname aan activiteiten in vechtsporten die onder
toezicht staan van de VA.
Seksuele intimidatie Ongewenst verbaal, non-verbaal, digitaal of fysiek gedrag met een seksuele
connotatie (duiding) dat als doel of gevolg heeft dat de waardigheid van de
persoon wordt aangetast, in het bijzonder wanneer een bedreigende,
vijandige, beledigende, vernederende of kwetsende situatie ontstaat.
Sepot Besluit van de aanklager om de beschuldigde niet voor de tuchtcommissie te
laten komen.
Tuchtsecretaris Een medewerker van de VA die belast is met de initiële beoordeling van
meldingen van mogelijke schendingen van het tuchtrecht en de aanklager,
tuchtcommissie en commissie van beroep assisteert bij de tuchtrechtspraak.
Tuchtcommissie De tuchtcommissie van de VA buigt zich over zaken waarin mogelijk
gedragsregels zijn overtreden door personen die gebonden zijn aan de
reglementen van de VA.
Tuchtreglement Reglement waarin de samenstelling, bevoegdheden en werkwijze van de
tuchtcommissie wordt vastgelegd. Ook de overtredingen, de op te leggen
straffen en de rechten en plichten van de beschuldigde staan in het
tuchtreglement.
VA Stichting de Nederlandse Vechtsportautoriteit, onafhankelijke
toezichthouder voor de sporten kickboksen, muaythai en mma.
Vechter Een ieder die met de Vechtsportautoriteit een overeenkomst
heeft gesloten voor het verkrijgen van een digitaal Fightpassport
VA-vechtsporten Kickboksen, muaythai en mma.
Vooronderzoek Het onderzoek dat plaatsvindt na een ontvankelijke melding van een
mogelijke overtreding.
Voorzitter Voorzitter van de tuchtcommissie of commissie van beroep van de VA.
Tuchtreglement A: gedragsnormen
Artikel 1 – Gebondenheid
De aan dit tuchtreglement gebonden (rechts)personen zijn:
1. Vechters;
2. Leden, organen en officials van de convenantpartners;
3. Leden, begeleiders en aanhang van sportscholen met het VA-keurmerk;
4. Promotors;
5. Matchmakers.
Artikel 2 – Opzet en schuld
1. Een overtreding is alleen verwijtbaar indien sprake is van opzet of schuld. Onder schuld
wordt mede begrepen nalatigheid of onzorgvuldigheid van de beschuldigde.
2. De in het strafrecht aanvaarde strafuitsluitingsgronden, zoals noodweer(exces) en
vermacht, zijn van toepassing.
Artikel 3 - Fair play
1. De vechter zal in en buiten de ring/kooi zijn sport beoefenen met respect voor zijn
tegenstander, diens begeleiding en de bij de vechtsport betrokken officials (scheidsrechter,
jury etc.).
2. De vechter zal geen technieken toepassen die niet op grond van het toepasselijke reglement
zijn toegelaten.
Artikel 4 – Ongewenst gedrag
1. Een ieder zal zich onthouden van het volgende ongewenste gedrag:
A. Schelden / beledigen: het opzettelijk aantasten van iemands eer of goede naam.
B. Pesten: alle vormen van structurele/ herhaalde intimidatie waarbij een of meer mensen
proberen een andere persoon verbaal, non-verbaal, digitaal, fysiek of mentaal kwaad te
doen.
C. Het aanzetten tot zeer onverantwoord gewichtsverlies of gewichtstoename waardoor
aantoonbaar gezondheidsklachten kunnen of zijn ontstaan.
D. Discriminatie: ongelijke behandeling van personen en/of het achterstellen en/of het
uitsluiten van personen op grond van persoonlijke kenmerken zoals geslacht, seksuele
geaardheid, godsdienst en/of levensovertuiging, politieke overtuiging, handicap,
afkomst en/of ras.
E. Psychische of emotionele mishandeling, zoals het zeer stelselmatig pesten, sociaal
isoleren, negeren of nadrukkelijk minachten.
F. Mishandeling / (aanzetten tot) fysieke vormen van geweld buiten de
ring/kooi/sportschool of in de ring/kooi/sportschool in strijd met de geldende regels.
G. Deelnemen aan illegale of ongereguleerde wedstrijden.
H. (Andere) gedragingen waarmee het imago van de sport ernstige schade kan worden
toegebracht.
I. Andere vormen van grensoverschrijdend gedrag waarbij de ander schade op fysiek,
mentaal of emotioneel vlak wordt toegebracht.
2. Ongewenst gedrag kan worden bestraft door de tuchtorganen van de VA in de volgende
situaties:
A. Indien het gedrag is voorgevallen in relatie tot sportbeoefening binnen de VA-
vechtsporten.
B. Wanneer degene die het ongewenste gedrag ondergaat ook buiten een
sportaccommodatie ten opzichte van degene die intimidatie toepast in een in de sport
ntstaan (macht)relatie verkeert.
C. Indien een risico bestaat voor de orde en, of veiligheid van een of meer (rechts)personen
als omschreven in artikel 1.
Artikel 5 – Seksuele intimidatie en meldplicht SI
1. Een ieder zal zich onthouden van enige vorm van seksuele intimidatie.
2. Onder seksuele intimidatie wordt verstaan enige vorm van ongewenst, verbaal, non-verbaal,
digitaal of fysiek of gedrag met een seksuele connotatie dat als doel of gevolg heeft dat de
waardigheid van de persoon wordt aangetast, in het bijzonder wanneer een bedreigende,
vijandige, beledigende, vernederende of kwetsende situatie wordt gecreëerd. Hieronder zijn
mede begrepen de in de artikelen 239 t/m 254a van het Wetboek van Strafrecht strafbaar
gestelde feiten.
3. Seksuele intimidatie kan worden bestraft door de tuchtorganen van de VA in de volgende
situaties:
A. Indien de seksuele intimidatie is voorgevallen in relatie tot sportbeoefening binnen de
VA-vechtsporten en/of;
B. Wanneer degene die het ongewenste gedrag ondergaat ook buiten een
sportaccommodatie ten opzichte van degene die intimidatie toepast in een in de sport
ntstaan (macht)relatie verkeert en/of;
C. Wanneer de seksuele intimidatie plaatsvindt buiten het verband van de sportbond,
waarbij een risico bestaat voor de orde en, of veiligheid van een of meer
(rechts)personen als omschreven in artikel 1.
4. Een ieder die kennis krijgt van (een vermoeden van) een overtreding van dit artikel is
verplicht dit te melden bij de secretaris van de VA, tenzij hij/zij zelf slachtoffer is of een
functie als vertrouwenscontactpersoon bij de VA bekleedt.
5. Een melding kan schriftelijk of mondeling worden ingediend bij de secretaris van de
tuchtcommissie VA.
Artikel 6 - Begeleiding
Vechters zullen ervoor zorgen dat bovenstaande regels ook in acht worden genomen door de
personen die hen begeleiden tijdens wedstrijden, zoals trainers, verzorgers etc. Ingeval een van deze
personen zich heeft misdagen in het verleden, zal de vechter ervoor zorgen dat deze persoon niet
meer wordt toegelaten tot zijn begeleiding, tenzij hij hiervoor de expliciete toestemming heeft
gekregen van de sportbond onder wiens auspiciën de wedstrijd wordt georganiseerd.
Artikel 7 – Tenuitvoerlegging
De in artikel 1 genoemde (rechts)personen zijn verplicht hun medewerking te verlenen aan de
tenuitvoerlegging van de straf. Het tegenwerken van een tenuitvoerlegging is een overtreding die zal
worden beoordeeld door de tuchtcommissie.
Tuchtreglement B: procedureregels
Artikel 1 – Betrokken organen
1. De tuchtrechtspraak van de VA wordt afgehandeld door de tuchtcommissie en de commissie
van beroep van de VA (hierna gezamenlijk aangeduid als tuchtcommissies).
2. Zaken over doping worden afgehandeld door het ISR.
3. De tuchtcommissies bestaan uit drie of vijf leden die zijn benoemd door de VA. De
tuchtcommissies worden geassisteerd door de tuchtsecretaris. De leden en de
tuchtsecretaris zijn onafhankelijk en onpartijdig en zullen zich verschonen /worden
vervangen wanneer de objectieve vrees bestaat dat hiervan geen sprake meer zal zijn.
4. De tuchtcommissies doen uitspraak over de melding van mogelijke overtreding(en) van
gedragsnormen genoemd in onderdeel A van dit tuchtreglement.
5. De commissie van beroep onderzoekt zaken waarin de tuchtcommissie uitspraak heeft
gedaan waartegen beroep is aangetekend of om herziening is gevraagd. De commissie van
beroep doet een bindende uitspraak waarin de eerdere uitspraak van de tuchtcommissie
kan worden bevestigd, gewijzigd, vernietigd of wordt terugverwezen naar de betreffende
commissie. Een terugverwijzing vindt alleen plaats indien er in eerste instantie ten onrechte
geen of een beperkte inhoudelijke behandeling heeft plaatsgevonden.
Artikel 2 – Sancties en tenuitvoerlegging
1. Straffen die door de tuchtcommissies kunnen worden opgelegd zijn:
A. Een berisping; en/of
B. Een schorsing voor (on)bepaalde tijd; en/of
C. Een geldboete van minimaal EUR 50 en maximaal EUR 1000.
2. Het bestuur draagt zorg voor de tenuitvoerlegging van de straffen die zijn opgelegd door de
tuchtcommissies.
3. De tenuitvoerlegging van de door de tuchtcommissies opgelegde straf vangt aan op de
datum waarop deze uitspraak doen, tenzij in de uitspraak anders is bepaald.
4. Het instellen van beroep schorst de tenuitvoerlegging van een straf niet, dit kan alleen met
goedvinding van de tuchtcommissie. Het verzoek tot opschorten kan tegelijkertijd worden
ingediend met het beroepschrift, niet eerder.
5. Zolang de geldboete niet is betaald, is de beschuldigde geschorst.
6. Opgelegde straffen (inclusief ordemaatregelen en door de aanklager aangeboden en
geaccepteerde schikkingsvoorstellen) worden vermeld in het Fightpassport. Een definitief
pgelegde straf staat in de weg aan een nieuwe bestraffing voor hetzelfde feit.
Artikel 3 - Voorwaardelijke schorsing
1. Een schorsing kan geheel of gedeeltelijk voorwaardelijk worden opgelegd met een proeftijd
van maximaal 2 jaren.
2. Daarbij geldt altijd de voorwaarde dat de beschuldigde geen soortgelijke feiten begaat in de
proeftijd.
3. Daarnaast kunnen aanvullende voorwaarden worden gesteld zolang deze tot doel hebben
het voorkomen van soortgelijke gedragingen in de toekomst dan wel wanneer deze een
genoegdoening beogen te bewerkstelligen richting het slachtoffer of potentiële slachtoffers
van soortgelijke gedragingen.
4. Wanneer de beschuldigde zich naar het oordeel van de aanklager niet heeft gehouden aan
de voorwaarde(n) kan deze de zaak voorleggen aan de tuchtcommissie en ten uitvoerlegging
vorderen van de voorwaardelijke opgelegde schorsing.
5. De artikelen 5 (leden 9 en 11 – 19), 6 en 7 zijn van overeenkomstige toepassing op deze
procedure. Indien de ten uitvoerlegging wordt gevraagd naar aanleiding van een nieuwe
vertreding van het tuchtreglement wordt de vordering voor de tenuitvoerlegging van de
voorwaardelijke straf tegelijk behandeld met de melding voor de nieuwe overtreding.
6. De tuchtcommissies kunnen de tenuitvoerlegging bevelen van de voorwaardelijke schorsing
indien zij tot het oordeel komen dat een of meerdere voorwaarden zijn overtreden, maar
zijn hiertoe niet verplicht.
Artikel 4 – Ordemaatregel
1. Het bestuur VA kan ter bescherming van de rust en veiligheid een ordemaatregel nemen
door aan de beschuldigde met onmiddellijke ingang een voorlopige schorsing, locatie en/of
contactverbod op te leggen in verband met de veiligheid en om herhaling te voorkomen. De
rdemaatregel dient noodzakelijk, geschikt en evenredig te zijn om het eerdergenoemde
doel te bereiken.
2. De ordemaatregel van het bestuur is geen tuchtrechtelijke straf maar een bestuurlijke
maatregel. Een door het bestuur VA genomen ordemaatregel sluit niet uit dat voor dezelfde
feiten een tuchtrechtelijke veroordeling kan plaatsvinden. De Tuchtcommissie zal rekening
houden met de duur van de ordemaatregel bij de uiteindelijk op te leggen straf.
3. Tegen de ordemaatregel is geen beroep mogelijk.
4. De door het bestuur VA genomen ordemaatregel blijft in stand totdat de tuchtcommissie
uitspraak heeft gedaan.
Artikel 5 – Procedure
Melding mogelijke overtreding
1. Melding van een mogelijke overtreding kan door elke belanghebbende worden gedaan door
het meldingsformulier in te dienen bij de VA via info@vechtsportautoriteit.nl. Het formulier
is te downloaden op de website van de VA.
2. De tuchtsecretaris stelt naar aanleiding van de melding vast of er onderzoek moet worden
gedaan door de aanklager.
Onderzoek aanklager/ sepot/schikking
3. Op basis van de melding van mogelijke overtreding van het tuchtreglement doet de
aanklager onderzoek door eventueel bewijsmateriaal te onderzoeken en eventuele getuigen
te horen. Het onderzoek vormt de basis voor het dossier.
4. De aanklager is bevoegd zaken te seponeren.
5. De aanklager kan besluiten om de zaak af te handelen door middel van een schikking die kan
bestaan uit schorsing van maximaal 6 maanden, al dan niet in voorwaardelijke vorm, of een
berisping. Artikel 3 lid 2 en 3 zijn van overeenkomstige toepassing. Indien de beschuldigde
zich naar het oordeel van de aanklager niet heeft gehouden aan de voorwaarden legt deze
de zaak alsnog voor aan de tuchtcommissie.
6. Als de beschuldigde het schikkingsvoorstel accepteert, is de zaak hiermee afgedaan en zal de
zaak niet meer worden voorgelegd aan de tuchtcommissie.
7. Als de beschuldigde het schikkingsvoorstel niet accepteert of de voorwaarden niet naleeft
zal de tuchtcommissie zich over de zaak buigen.
Aanbrengen zaak
8. Als de zaak niet wordt geseponeerd of geschikt, brengt de aanklager de zaak aan bij de
tuchtcommissie.
9. De tuchtcommissie ontvangt het dossier en besluit of de behandeling van de zaak schriftelijk
f mondeling op zitting wordt behandeld. Een zaak kan alleen schriftelijk worden afgedaan
indien de beschuldigde daarmee instemt of er gegronde redenen zijn aan te nemen dat de
beschuldigde noch een gemachtigde naar de zitting zal komen.
10. Als er meerdere meldingen zijn gedaan van dezelfde overtredingen tegen dezelfde persoon
kan de tuchtcommissie besluiten om de zaken gezamenlijk te behandelen.
11. De aanklager en/of tuchtcommissie kunnen er bij de beoordeling van de zaak rekening mee
houden dat bij de leeftijd van 18 jaar weliswaar sprake is van een volwassene, maar dat
sprake kan zijn van een andere – dus ook lagere – ontwikkelingsleeftijd hetgeen een
behandeling van de zaak rechtvaardigt als ware sprake van een niet-volwassene.
12. De zitting kan zowel fysiek als digitaal geschieden.
13. De oproep voor de zitting wordt verstuurd aan het op het meldingsformulier ingevulde e-
mailadres. Als het e-mailadres op het meldingsformulier ontbreekt, zal de secretaris navraag
doen bij de sportschool van de beschuldigde.
14. Als de beschuldigde niet verschenen is op de zitting kan wordt de zaak bij verstek
behandeld.
15. De tuchtcommissie kan tijdens de zitting getuigen of deskundigen horen.
16. De beschuldigde mag zich laten bijstaan en/of vertegenwoordigen door een gemachtigde.
17. Van de zitting wordt een zakelijke samenvatting gemaakt door de secretaris, deze zal door
de voorzitter namens de Tuchtcommissie worden ondertekend. Op schriftelijk verzoek kan
de zakelijke samenvatting ter beschikking worden gesteld aan de beschuldigde (en eventuele
gemachtigden).
18. Een uitspraak van de tuchtcommissie komt tot stand door een meerderheid van stemmen.
Tuchtcommissieleden hebben allen één stem.
19. De tuchtcommissie zal uiterlijk tien werkdagen na de zitting tot een uitspraak komen.
20. De tuchtcommissie doet altijd schriftelijk en gemotiveerd uitspraak. De tuchtcommissie kan
ok een mondelinge uitspraak doen en deze later op schrift vaststellen.
Artikel 6 – Beroep
1. De aanklager, de beschuldigde, de melder en het bestuur VA hebben de mogelijkheid om
beroep in te stellen tegen een uitspraak van de tuchtcommissie bij de commissie van
beroep.
2. Het beroep moet schriftelijk en gemotiveerd binnen vier weken na dagtekening van de
uitspraak worden ingediend. Het beroepschrift dient per brief [Nederlandse
Vechtsportautoriteit, Postbus 59680, 1040 LD, Amsterdam] of per e-mail te worden
ingediend via info@vechtsportautoriteit.nl.
Artikel 7 – Herziening
1. Er kan een verzoek tot herziening worden ingediend als er na de uitspraak feiten aan het
licht komen die bij de eerdere behandeling van de zaak niet bekend waren bij de
beschuldigde en die tot een substantieel andere uitspraak hadden kunnen leiden.
2. Het verzoek tot herziening moet per brief [Nederlandse Vechtsportautoriteit, Postbus
59680, 1040 LD, Amsterdam] of per e-mail te worden ingediend via
3. Het verzoek moet duidelijk weergeven wat de nieuwe feiten en omstandigheden zijn en
deze zoveel mogelijk onderbouwen met bewijsstukken.
4. Op de procedure is artikel 5 (leden 9 en 11-19) van overeenkomstige toepassing. De
aanklager heeft bij deze procedure een adviserende rol.
********
